Ode aan de Waal

Zittend aan de Waal, verstild, zie ik meer dan in een drukke stad.
Ze is er altijd, de rivier, en toch is ze ieder moment weer nieuw. Er fietsen mensen langs, ze draagt schepen, minuscuul kleine deeltjes dwarrelen erin in rond. Ze spreekt, en geeft eindeloos veel ruimte.
Onderdeel van 1233(!) kilometer stromend water is 'onze' Waal op haar beurt onderdeel van ons leven. Ze geeft adem aan de stad, passeert, zomaar, al eeuwen lang. Veelzeggend in haar stilte met haar eigen taal.
Kom dichterbij!
Kom dichterbij, zie hoe eenvoudig wij in contact kunnen zijn met elkaar, de natuur en zelfs met het ongeziene dat alles bij elkaar houdt.
Met je stem kom je dichterbij
En daar stónden we met onze voeten in het lage water op 3 oktober. Broek omhoog, trommel aan; stem aan. Beetje verlegen misschien in het begin. Later met meer moed en zelfvertrouwen contact makend met iets dieps in onszelf. Onze stemmen gingen, de schepen voeren, en de schippers keken. Maar dat deerde ons niet; dat hoort erbij. De één kon het later precies terugvertellen, de ander was nog stil en onder de indruk. Daar was ruimte voor. Er was ook ruimte voor het zingen van liederen met speciale herinneringen, lang weggestopte herinneringen, tedere, kwetsbare herinneringen plotseling opkomend uit dat 'iets dieps'.
"Jij en ik stonden daar en zetten spontaan onze stem aan. Ik zal nooit vergeten hoe ver die reikten en hoe de natuur met ons was."

Opmerkingen